Home - ideeën opdoen - nadenken over de dood - voogdij

voogdij

Het is een gedachte die elke ouder wel eens door het hoofd spookt: wat gebeurt met mijn kinderen als we allebei omkomen bij een ongeval? Als minderjarige kinderen achterblijven, dus kinderen onder de 18 jaar die ongehuwd zijn, dan moeten zij volgens de wet onder gezag staan van een volwassene. Je hebt het ‘ouderlijk gezag’ en als een ouder samen met een niet-ouder het gezag heeft, is dit ‘gezamenlijk gezag’.

Als iemand anders dan de ouders deze rol vervult, is er sprake van ‘voogdij’. Zo’n voogd kan de rechter verzoeken om naast hem nog een ander tot voogd te benoemen, dan heet dat ‘gezamenlijke voogdij’. Wie zeker wil weten wie er later voor zijn kinderen zorgt, kan in een testament vastleggen wie de (gezamenlijke) voogdij zou moeten krijgen. Het is goed om er over na te denken wie daarvoor geschikt zou zijn, want het zijn verantwoordelijke taken die je hebt als voogd.

De taken op een rij: je bent wettelijk vertegenwoordiger van het kind en daarom verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding. Dat betekent echter niet dat je persoonlijk zorg draagt voor de verzorging en opvoeding. Je bent ook niet verplicht daarvoor je eigen vermogen aan te wenden, noch hoef je het vermogen van het kind te beheren. Je hoort bijvoorbeeld wel te zorgen dat de bewindvoerder rekenschap aflegt. Bij gezamenlijke voogdij zijn de voogden wel onderhoudsplichtig van het kind en voer je samen het bewind over zijn vermogen. Voogdij eindigt als het kind trouwt of 18 jaar wordt.