Overlijden in het buitenland

Jaarlijks overlijden zo’n 1.600 Nederlanders in het buitenland. Een heftige en vaak emotionele gebeurtenis, helemaal wanneer iemand overlijdt tijdens een vakantie. Er moet dan een hele hoop geregeld worden. Het lichaam van de overledene zal dan teruggebracht worden naar Nederland, waar de uitvaart plaatsvindt. Of andersom: iemand komt te overlijden in Nederland, maar de overledene moet naar het vaderland overgebracht worden waar de begrafenis of crematie zal plaatsvinden. Monuta verzorgt ieder jaar zo’n 300 repatriëringen: het overbrengen van een overledene naar het thuisland.

Meeste repatriëringen in september en vanuit Spanje
Monuta voert de meeste repatriëringen uit in september. Ook in augustus en oktober overlijden er meer mensen in het buitenland dan in de rest van het jaar. Dit heeft te maken met een toename van het vakantieverkeer in die maanden. In april vinden de minste repatriëringen plaats. Monuta brengt de meeste overledenen terug naar Nederland vanuit Spanje: in 2016 kwam ruim één op de vijf gerepatrieerden hiervandaan. Overigens gaat het dan meestal niet om toeristen, maar om mensen die overwinteren in het Zuid-Europese land.

Wat moet er geregeld worden?
Als iemand komt te overlijden in het buitenland moet er een hoop geregeld worden om ervoor te zorgen dat de overledene gerepatrieerd wordt. Regels en procedures rondom het overlijden zijn in ieder land anders. Ook de lokale gewoonten en wetgeving kunnen van invloed zijn. Het kan daarom verstandig zijn om de Nederlandse ambassade om hulp te vragen.

Als er sprake is van een reisverzekering, wordt het overlijden gemeld bij de alarmcentrale van de reisverzekeraar. Vaak zorgt de verzekeraar ervoor dat alles geregeld wordt rondom het overbrengen van de overledene naar Nederland. Hetzelfde geldt voor een uitvaartverzekering. Monuta heeft een speciale afdeling die alles rondom repatriëringen regelt. Zij doen dit in samenwerking met de alarmcentrales van reisverzekeringen, of direct in opdracht van nabestaanden.

De lokale autoriteiten kunnen een akte van overlijden afgeven, maar deze kan ook later volgen. Daarnaast verstrekt de gemeente of ambassade een laissez-passer. Hierin staat welke route gevlogen of gereden moet worden. Dit document is dan ook nodig voor het vervoer van de overledene naar Nederland. 

Het duurt meestal een aantal dagen voordat een overledene gerepatrieerd kan worden. Soms wordt er in het land van overlijden ook nog eerst onderzoek gedaan naar de doodsoorzaak. Ook het regelen van alle benodigde documenten en de legalisatie daarvan kost vaak een aantal dagen. In de tussentijd wordt de overledene dan, in de meeste gevallen, gebalsemd en gereed gemaakt voor het vervoer per vliegtuig of auto.

Kosten
De kosten van een repatriëring kunnen sterk verschillen, natuurlijk afhankelijk van het land waar de overledene naartoe gebracht wordt. Het overbrengen van een overledene naar België kost bijvoorbeeld gemiddeld minder dan een repatriëring naar Brazilië, dat kan oplopen tot zo’n € 12.000 euro. Een repatriëring vanuit het buitenland naar Nederland varieert gemiddeld tussen € 6.000 en € 8.000.

Wanneer iemand komt te overlijden tijdens een vakantie, worden de kosten meestal gedekt uit de reisverzekering. Als de overledene geen reisverzekering had, kunnen de kosten soms vergoed worden uit een uitvaartverzekering. Dat kan de gehele repatriëring zijn of een gedeelte daarvan, afhankelijk van het soort uitvaartverzekering dat iemand had.