Reactie toevoegen

De ruitenwissers kunnen de stromende regen amper aan. Gelukkig ben ik vanmorgen ruim op tijd vertrokken. Eenmaal op de parkeerplaats wacht ik even af, maar droog lijkt het niet te worden. Ik trek mijn jas over mijn hoofd en ren naar de voordeur van familie Rens. De druppels sijpelen langs de dakgoot naar beneden.

“Och, komt u maar gauw binnen. Wat een weer he.” Binnen lijkt de sfeer even onstuimig als buiten. Vanuit de gang vang ik luidruchtige gesprekken op. Meneer Rens kijkt me blozend aan. “Ja, onze kinderen hebben ieder een sterke mening.” Ik hang mijn jas op en volg meneer naar de woonkamer. De lange eettafel is omringd door zeven mannen en vrouwen. Ze kijken op en de hevige discussie stopt direct. Ik schuif aan en besluit niet door te vragen. In plaats daarvan halen we mooie herinneringen op over mevrouw Rens.

Even later zijn de regeldruppels op de ruiten gedroogd door de warmte van de zon. Ook van de onstuimige sfeer binnenshuis is geen spoor meer. Meneer Rens en zijn kinderen luisteren aandachtig naar elkaars ideeën over de crematie. “We willen vooral dat het voelt zoals vroeger. Een dag waar onze moeder trots op zou zijn. Een afscheid zoals zij het zou willen.” De ogen van meneer Rens beginnen te stralen.

Op de dag van de crematie wijs ik de kinderen hun plek in de aula. Mooi vooraan op één rij. Meneer Rens knikt tevreden. Tijdens het afscheid leest meneer Rens een gedicht voor. De kinderen lopen om de beurt naar voren en leggen een witte roos op de kist. Samen blijven ze nog even rondom hun moeder staan. Een ontroerend gezicht van een hechte familie.

Een paar dagen na de uitvaart ga ik nog even langs bij meneer Rens. Hij glundert: “Mijn vrouw kreeg het nooit voor elkaar om onze kinderen op één rij te laten zitten. Bedankt, deze harmonie is precies wat ze graag wilde.”

Joke Warmerdam