Zo groots in zijn kleinheid

Meneer Roelofs was al wat ouder. Een verstokte vrijgezel zou je kunnen zeggen. Nooit getrouwd geweest, tevreden in zijn kleine, oude boerderij. Samen met zijn trouwste maatje, zijn zwarte labrador. ‘Die, om eerlijk te zijn, ook al wat ouder werd’, deelt zijn jongere broer met mij. Ik spreek hem over het afscheid nadat meneer Roelofs is overleden.

Zijn broer praat met genegenheid over zijn oudere broer. “Gert was Gert. Geen gedoe, geen opsmuk. Hij had niet veel nodig in zijn leven. Ik maakte me weleens zorgen om hem. Zou het niet fijn voor hem zijn om het leven te delen met een partner? Zodat zijn wereld wat groter wordt? Maar hij leek daar helemaal geen behoefte aan te hebben. Hij was prima tevreden met zijn kleine cirkeltje. En zijn overzichtelijke, dagelijkse leven.”

Ik besef me dat dit een kleine, intieme uitvaart wordt. Met niet meer dan ongeveer tien, twaalf mensen. De buurvrouw, de overbuurman, een oud-collega, wat familie. Gelukkig is mijn uitvaartcentrum juist voor kleine uitvaarten uitermate geschikt. Het is een warme, rustige ruimte. Niet te klein, maar zeker niet te groot. Comfortabele stoelen stellen mensen op hun gemak. Ik heb het gevoel dat dit de perfecte achtergrond is voor dit afscheid.

Maar ik denk nog even verder. En ik herinner me dat de broer mij ook vertelde dat meneer Roelofs als hobby fotograferen had. Ik krijg een idee.

Later die middag laat ik de uitnodigingen maken. Ik zet hierop een kleine oproep: of de genodigden één of meer foto’s willen meenemen naar het afscheid. Een foto waar meneer Roelofs op de een of andere manier in voorkomt. Dat kan van alles zijn. Een oude familiefoto, een foto van een personeelsuitje, een verjaardag.

Op de dag van het afscheid zitten we met elkaar rond de kist. Ik schenk thee en koffie in en we nemen er wat lekkers bij. Het is bijna alsof we bij meneer Roelofs op visite zijn, ook al kent lang niet iedereen in de kring elkaar even goed. Maar daar breng ik snel verandering in. Ik ga de kring rond en vraag iedereen iets over zijn of haar foto te vertellen. Dit breekt direct het ijs en leidt tot mooie gespreksstof. We leren niet alleen elkaar wat beter kennen, maar ook meneer Roelofs.

Aan het einde van het afscheid sluiten we de kist. We leggen alle foto’s op de deksel en daar maak ik vervolgens één foto van. Terwijl de mensen nog even met elkaar napraten met een tweede kop koffie, print ik de foto twaalf keer uit. Als het tijd is om naar huis te gaan, geef ik iedereen deze foto mee. Het is een klein gebaar, maar heeft een grote impact merk ik.

Wat fijn dat we met elkaar zo afscheid hebben kunnen nemen van meneer Roelofs. Van een broer, oom, vriend, buurman. Iemand waar iedereen op zijn eigen manier mee verbonden was.